Nekplooimeting

Nekplooimeting bij je baby

Als je een paar maanden zwanger bent, kun je ervoor kiezen om de combinatietest te doen. Deze bestaat uit nekplooimeting door middel van een echo en bloedonderzoek. Blijkt de nekplooi dikker dan gemiddeld, dan is er een kans dat je kind een chromosoom- of hartafwijking heeft. Je kunt dan kiezen voor vervolgonderzoek.

Wat is de nekplooi?

De nekplooi is niet echt een plooi, maar een tijdelijke ophoping van vocht dat elke foetus tussen de elf en veertien weken in zijn nekje heeft. De nekplooi hoort in deze fase maximaal 3,5 mm te meten op een echo. Is de nekplooi dikker, dan kan dit wijzen op een chromosoom- of hartafwijking bij je baby. De bekendste chromosoomafwijking is het syndroom van Down.

Hoe werkt een nekplooimeting?

Als je tussen de 11 weken en 14 weken zwanger bent, kan de dikte van de nekplooi van je baby worden gemeten met behulp van een echo-onderzoek. Deze vorm van prenatale screening is onderdeel van de combinatietest en niet verplicht. Je moet het dus zelf aangegeven als je dit onderzoek wilt laten doen. Hoe dikker de nekplooi, hoe groter de kans op een afwijking. Maar let op, een te dikke nekplooi wil zeker niet altijd zeggen dat je kind een afwijking heeft. Er zijn heel veel baby’s die een dikkere nekplooi hebben op de echo, maar waar na vervolgonderzoek niets mee aan de hand blijkt te zijn. Helaas kan het omgekeerd ook zo zijn, dat de combinatietest goed was en een kind toch een chromosoom- of hartafwijking blijkt te hebben.

Waar naartoe voor nekplooimeting?

Soms doet de eigen verloskundige of gynaecoloog de nekplooimeting, maar meestal moet je daarvoor naar een speciaal echocentrum. De nekplooimeting duurt ongeveer een half uur. Als je baby goed in beeld ligt tenminste, want anders kan het wel eens langer duren. De uitslag krijg je van de verloskundige of gynaecoloog.

Combinatietest

Een nekplooimeting wordt altijd gecombineerd met bloedonderzoek. Dit noemen we samen de combinatietest. Deze bloedtest wordt uitgevoerd als je tussen de 9 en 14 weken zwanger bent. Soms neemt de verloskundige zelf bloed af, maar vaker word je doorgestuurd naar een priklab of een centrum voor prenatale screening. Je  bloed wordt na afname in een laboratorium onderzocht. Ook hiervan krijg je de uitslag via je verloskundige of gynaecoloog.

Vruchtwaterpunctie of vlokkentest

Na de nekplooimeting en het bloedonderzoek wordt er een kansberekening gemaakt. Hier wordt ook de leeftijd van de moeder in meegenomen. Blijkt uit de combinatietest dat de kans dat je kind een chromosoom- of hartafwijking heeft aanwezig is, dan kan je kiezen voor vervolgonderzoek. Dit is niet verplicht, je kunt er ook voor kiezen om af te wachten. Wil je zekerheid; een vruchtwaterpunctie of vlokkentest kunnen uitsluitsel geven of er echt wat aan de hand is. Het nadeel van deze vervolgonderzoeken is dat er een kleine kans op een miskraam is.

Negatieve uitslag vervolgonderzoek

Blijkt na de combinatietest en vervolgonderzoek dat je kind een afwijking heeft, dan zal er een gesprek met verloskundige of gynaecoloog volgen waarin wordt besproken wat de mogelijke gevolgen zijn voor de baby. Je kunt er dan voor kiezen om de zwangerschap af te breken of de baby alsnog geboren te laten worden.